Enquête CBM over OR-scholingsrecht

 

7-04-2014  | Via een grootschalige enquęte wil de Commissie Bevordering Medezeggenschap (CBM) onderzoeken in hoeverre ondernemingsraden in het afgelopen jaar gebruikmaakten van hun scholingsrecht. Vorig jaar is het OR-scholingsrecht gewijzigd en de CBM wil nu weten wat daarvan het effect is in de praktijk.

Eén van de taken die de CBM heeft overgenomen van het GBIO – dat is opgeheven per 31 december 2012 – is de monitoring van de scholing en vorming van OR-leden in Nederland. Via een grootschalige enquête wil de CBM onderzoeken hoe het gebruik van scholing en vorming zich heeft ontwikkeld na de wijziging van de Wet op de ondernemingsraden (WOR) op 19 juli 2013. Ook wil de CBM onderzoeken hoe de Stichting Certificering Opleidingen Ondernemingsraden (SCOOR) bekendstaat bij OR-leden en wat zij precies vinden van de certificering. Door mee te doen aan de enquête over OR-scholing helpt u de CBM om de medezeggenschap in Nederland te bevorderen.

Het recht van de OR op scholing

Op 19 juli 2013 is in de Wet op de ondernemingsraden (WOR) de verplichting aangescherpt dat werkgevers de kosten van scholing van OR-leden voor hun rekening moeten nemen. Als lid van de OR heeft u recht op het jaarlijks volgen van cursussen en trainingen van voldoende kwaliteit. Daarbij mag de bestuurder alleen bezwaar maken tegen de hoogte van de kosten. Als richtlijn kunt u de richtbedragen voor OR-scholing aanhouden die de SER ieder jaar opstelt. Deze vindt u terug in het bericht ‘Richtbedrag voor OR-cursus in 2014 bekend

Bron: OR Rendement

 

« Terug