het OR-spel verfijnen

 

Interview met OR-voorzitter Annette van Schaik van de Ambulante Zorg Midden Nederland

De werkdruk binnen de GGZ is hoog. Bezuinigingsrondes volgen elkaar op waardoor er meer werk door minder medewerkers gedaan moet worden. De zorgverzekeraar stelt steeds meer administratieve eisen en tegelijkertijd moeten medewerkers de agenda’s met zo veel mogelijk (declarabele) contacturen vullen. Zo ook bij Indigo, onderdeel van Ambulante Zorg Midden Nederland (AZMN). Zij bieden laagdrempelige psychologische basiszorg, dichtbij de mensen in de wijk. Annette van Schaik, GZ-psychologe en voorzitter van de OR vertelt.

 “Je werd in onze organisatie altijd al ietwat overvraagd, maar de werkdruk is nu wel erg hoog. Voor mij voelen de groeiende administratieve eisen soms als georganiseerd wantrouwen vanuit de organisatie. Aan de andere kant moet het voor een bestuurder ook erg lastig zijn; hij moet sturen op iets abstracts als agendavulling. Het is belangrijk dat hij weet hoe de praktijk op de werkvloer eruit ziet, hoe het met de mensen gaat. Wij als OR dienen dit over te brengen en dat is best een pittige taak.”

Aandachtspunten en risico’s
Nieuwe wetgeving in 2014 heeft de verantwoordelijkheid voor de kostenbeheersing van de basiszorg bij de huisarts neergelegd. Vaak heeft die een Sociaal Psychiatrisch Verpleegkundige (POH-GGZ) in dienst die veel van de lichtere problematiek kan opvangen. Dat valt buiten het eigen risico, net als een bezoek aan de huisarts. Hierdoor zijn er minder doorverwijzingen naar GGZ-organisaties als Indigo, die zich hebben moeten herpositioneren. Nu maakt Indigo zich klaar voor een fusie met twee andere GGZ organisaties.

Annette: “De aandachtspunten en risico’s zijn omvangrijk. Als OR moeten we uitzoeken hoe onze organisatie er nu voor staat en wat de verandering precies betekent. Waar gaan we dan ja tegen zeggen. En als we ja zeggen, onder welke voorwaarden? Er zijn zoveel bedrijfseconomische belangen, je snapt er zelf soms amper iets van.
De belangen van de OR en van de bestuurder kunnen ver uit elkaar liggen en dan dreig je op ramkoers met de bestuurder te komen. Het is de kunst om je als OR sterk te maken zonder de belangen van de bestuurder uit het oog te verliezen. Het ligt namelijk op de loer dat je gaat denken dat de OR maar iets wordt voorgespiegeld; waardoor je je machteloos gaat voelen als OR.”

OR op hoger niveau
In alle haast werd Renato Giuseppin van de academie voor Medezeggenschap ingevlogen om te helpen bij de beantwoording van de adviesaanvraag.

Annette: “Van die begeleiding hebben we heel veel geleerd! Hij gaf ons strategische tips die wij met elkaar niet uit de Wet op de Ondernemingsraad (WOR) wisten te halen. Daar zaten echt belangrijke eyeopeners bij. Renato stelde zich ook erg flexibel op. Op een gegeven moment zaten we met een heftige deadline, beide andere OR’en hadden hun advies al ingeleverd. We hebben toen op een vrijdagmiddag vanaf verschillende locaties via Google-Drive met Renato samen aan hetzelfde document gewerkt. Uiteindelijk hebben we een écht goed advies kunnen geven, waar we heel blij mee zijn.

Hij heeft ons daarnaast het spel leren verfijnen en handvatten aangereikt om bijvoorbeeld het artikel-24-contact met de eigenaar effectief te gebruiken. We wisten daardoor haarscherp wat we aan het doen waren. De meerwaarde van medezeggenschap werd hierbij ook voor de eigenaar duidelijk. We gingen beter voorbereid het gesprek in en zowel de eigenaar als de directie waren erg positief over de professionaliteit die we als OR hebben weten te bereiken.”

“De OR is dus in een hele korte tijd op een hoger niveau gebracht. Vroeger dramden we herhaaldelijk, vanuit onkunde. Dat brengt irritatie en is helemaal niet productief. We hebben nu geleerd om meer vanuit samenwerking het spel te spelen. Weten dat je een troef in handen hebt én weten waarom je hem juist niet gooit. Als OR heb je veel meer kaarten in handen dan je eigenlijk zelf weet.”

David Andrés Vis 
Freelance schrijver voor de avM